Veel lifestyle bloggers beginnen met een gratis account bij Gmail of Outlook, gewoon omdat het de snelste manier is om te starten, en dat werkt prima zolang je nog aan het experimenteren bent en niemand je berichten serieus hoeft te nemen. Het probleem ontstaat pas zodra merken, pr-bureaus of andere bedrijven je gaan benaderen voor samenwerkingen, want een adres dat eindigt op @gmail.com of @hotmail.com vertelt de ontvanger iets over hoe serieus je je werk aanpakt, ook al is dat oordeel niet altijd terecht.
Een zakelijke email lost een groot deel van deze problemen op, simpelweg omdat het adres gekoppeld is aan je eigen domeinnaam in plaats van aan de provider. Stuur je een pitch vanaf jouwnaam@blognaam.com, dan oogt dat anders dan hetzelfde bericht vanaf een adres dat duizenden andere mensen ook gebruiken. Pr-bureaus merken dat verschil op, ook al zeggen ze het niet altijd hardop.
Providers die zich specifiek richten op zakelijk gebruik bieden daarnaast versleuteling aan waar gratis providers meestal niet aan beginnen. Dat wordt relevant zodra je contracten of persoonlijke gegevens van samenwerkingspartners binnenkrijgt en niet wilt dat een externe partij daar op de achtergrond iets aan overhoudt. Voor veel bloggers is dat reden genoeg om over te stappen, ook al kost het net iets meer moeite om zo’n account in te richten dan simpelweg een nieuw Gmail-adres aan te maken.
Spamfilters en berichten die verdwijnen
Wat er ook meespeelt: gratis providers stellen hun spamfilters steeds strenger in, waardoor berichten van onbekende afzenders sneller in de ongewenste map belanden.
Jouw pitches aan merken kunnen worden weggefilterd, maar ook aanbiedingen die voor jou bedoeld zijn, verdwijnen soms zonder dat je het merkt.
Een merk zonder eigen naam erop
Een gratis account gekoppeld is aan de provider en niet aan jouw eigen merk. Verhuis je naar een ander platform, of besluit je op een gegeven moment je blog te verkopen, dan neem je dat adres niet mee als onderdeel van je merk. Het blijft gewoon een Gmail-account dat toevallig door jou gebruikt wordt.
Privacy grotendeels in andermans handen
Dan is er nog de kwestie van privacy en controle over je eigen gegevens. Grote gratis providers verdienen op de een of andere manier geld aan het feit dat ze je account gratis aanbieden, en dat gebeurt zelden zonder dat je berichten en gedrag op de achtergrond worden geanalyseerd. Voor iemand die dagelijks contracten en facturen van samenwerkingspartners ontvangt, is dat geen prettig idee, al staat er in de praktijk weinig bij stil wie dat allemaal leest.
Opslagruimte die sneller vol zit dan gedacht
Opslagruimte is ook zoiets waar je vroeg of laat tegenaan loopt. Foto’s, video’s, pdf-bestanden en contracten van merken stapelen zich op, en dan blijkt die gratis limiet minder ruim te zijn dan je dacht toen je net begon. Je kunt oude berichten gaan opruimen, maar dat kost tijd die je liever aan je blog besteedt, en meestal blijft die waarschuwing over een bijna volle inbox toch gewoon staan tot het misgaat.
Aparte taken, één overvolle inbox
Ook het scheiden van verschillende soorten berichten wordt lastig bij een gratis account. Een adres voor samenwerkingen met merken, een voor lezersvragen, een voor administratie en eentje dat je eigenlijk alleen nog gebruikt voor oude nieuwsbrieven, dat wordt bij de meeste gratis providers al snel onoverzichtelijk, of vraagt om losse accounts met losse wachtwoorden die je toch weer allemaal moet checken.
Versleuteling als extra laag beveiliging
Providers die zich specifiek richten op zakelijk gebruik, zoals Proton, bieden daarnaast versleuteling aan waar gratis providers meestal niet aan beginnen. Dat wordt relevant zodra je contracten of persoonlijke gegevens van samenwerkingspartners binnenkrijgt en niet wilt dat een externe partij daar op de achtergrond iets aan overhoudt. Voor veel bloggers is dat reden genoeg om over te stappen, ook al kost het net iets meer moeite om zo’n account in te richten dan simpelweg een nieuw Gmail-adres aan te maken.
Wie zijn blog behandelt als iets waar op termijn ook geld mee verdiend moet worden, doet er goed aan om niet te wachten tot de eerste grote samenwerking eraan komt voordat de emailinstellingen op orde zijn.

